31 mei 2009
Alsof Jezus nooit is gekomen…
Het valt me steeds meer op hoe sommige christenen leven en handelen alsof Jezus nooit is gekomen. Ze leven ‘oud-testamentisch’. Dan heb ik het niet over het houden van de wet of het voorlezen van de tien geboden in de kerken. Ik heb het over de groep die juist roept dat ze niet ‘religieus’ of ‘traditioneel’ zijn. Dat ze ‘vrij’ zijn.
Bepaalde stromingen, met name binnen de charismatische wereld, misbruiken het Oude Testament. Ze voeren weer ‘rituelen’ in waardoor je in ‘Gods aanwezigheid’ kunt komen. Ze passen structuren toe met ‘profeten’ en ‘apostelen’ met een hiërarchie (elite) die lijkt op de tijd dat wetsgeleerden en leiders de dienst uitmaakten. Ze trekken profetieën, die in de eerste plaats gaan over Israël, helemaal uit het verband en passen dat toe op ‘het lichaam van Christus’. Of ze gaan bijvoorbeeld het verhaal van Elia en Elisa met de mantels toepassen op nu. Want je moet ontdekken welke ‘mantels’ God je geeft of er wordt zelfs gesproken over het overnemen van de mantel van een ander (de zalving overnemen).
(Wel frappant dat ze het ‘profeten’- ambt bijna op oudtestamentische wijze uitvoeren, maar als je dan vanuit o.a. Deuteronomium komt met de toetsing van valse profeten, mag je dat ineens niet gebruiken, want dat is oud-testamentisch…).
Die groepen zeggen vrij te zijn, maar ondertussen moet je weer aan allerlei eisen voldoen om in ‘Gods aanwezigheid’ te komen of ‘geestelijk’ te zijn. Ze verwijten anderen religieus te zijn, maar zijn het zelf.
Een verontrustende ontwikkeling.
Een voorbeeld hiervan is de hoge plaats die aanbidding, ‘worship’ heeft gekregen. Muziek en aanbidding ‘baant de weg’ en brengt je in Gods aanwezigheid? Veel van de aanbidding van nu, is gebaseerd op de tijd van de visuele tempel in Jeruzalem. Van de tempeldienst.
Maar Jezus is gekomen, heeft het offer gebracht, is opgestaan uit de dood en naar zijn Vader gegaan. En Hij beloofde dat de Heilige Geest zou komen en dat Hij bij ons zou zijn tot aan de voleinding der wereld (Matt. 28:20b). En de Heilige Geest werd uitgestort op de Eerste Pinksterdag (Hand. 2). Iedereen die gelooft dat Jezus Christus zijn/haar Verlosser is, heeft eeuwig leven, laat zich dopen en ontvangt de Heilige Geest.
We hoeven geen rituelen uit te voeren om in Zijn aanwezigheid te komen of iets te ervaren. Sinds de Heilige Geest is uitgestort, is Hij er. We hoeven niet ‘op te klimmen naar de hemel’ (wat me doet denken aan iemand die ook wilde opklimmen… Lucifer) of ‘to press in’. We hoeven niet van alles te doen om in Gods aanwezigheid te kunnen komen.We hoeven niet naar een speciale plek (door sommigen een ‘portal’ genoemd, wat ze dan baseren op het verhaal van Jacob en de ladder). We hoeven niet eerst naar een conferentie, een ‘gezalfde’ spreker of worshipavond om ‘Gods aanwezigheid’ te ervaren.
Hij is er al, hier nu, waar je ook bent. God is er.
Jezus heeft het volbracht, wij hoeven niet weer door onze ‘werken’ God proberen te bereiken.
Soms zie ik aanbiddingsbijeenkomsten of conferenties waar blijkbaar eerst een lange tijd van ‘aanbidding’ nodig is om in een bepaalde sfeer te komen. Het doet me soms ongewild denken aan heidense meetings, waar mensen eerst in een soort trance moeten komen voordat de ‘goden’ zich kunnen openbaren.
Ik heb niets tegen muziek of aanbiddingsmuziek (maak het zelf ook), maar ik maak me zorgen over de wijze waarop het steeds meer wordt gebruikt.
Het viel me bijvoorbeeld op hoe in Lakeland de muziek letterlijk mensen opzweepte en in een bepaalde staat bracht. Elke avond hetzelfde (heb veel uitzendingen bekeken). Ik vroeg me op een gegeven moment af hoe het zou zijn als er geen muziek was geweest. Wat zou er gebeurd zijn als dat er niet was? Als iemand gewoon uit Gods Woord was gaan lezen en onderwijzen?
De vraag is: Wat of wie aanbidden we ? Soms denk dat ik ‘aanbidding’ onze afgod is geworden. En dat is jammer, want muziek is iets prachtigs wat God heeft gegeven, maar het moet niet het middel worden dat ons naar Hem leidt of naar een bijzondere ‘geestelijke’ ervaring.
“Er is maar één God, en maar één Middelaar tussen God en mensen: Jezus Christus” (1 Tim. 2:5), dus niet aanbidding, conferenties, gezalfde sprekers, soaking of charismatische ‘rituelen’.